Nieuwe media in de klas: goed gebruik stimuleert gewenst gedrag!
Een tijdje terug ontstond er discussie over mobieltjes in het onderwijs. Media berichtten dat mobieltjes voor chaos in de klas zorgden, andere media brachten daar weer tegenin dat mobieltjes juist grote kansen bieden in het leren. Opvallend in dit soort discussies is dat de verschillende functies van de mobiele telefoon (en andere mobiele devices) vaak door elkaar lopen.
Of het nu gaat om mobieltjes, laptops of tablets, feit is dat veel leerlingen hiermee buiten de klas goed overweg kunnen. Dan zetten zij ze in voor andere zaken: om muziek te luisteren, te gamen en om social media te gebruiken. Het gedrag van leerlingen met een mobiel in de klas roept bij docenten vaak ergernis op. Dit gebruik is natuurlijk ook storend. En het roept op zijn minst vragen op. “Hoe hiermee om te gaan? Allemaal maar verbieden?” Dat is vaak niet de weg die docenten op willen, ze willen geen politie-agent zijn. Wat dan wel?
Om de discussie over de inzet ín de klas goed te kunnen voeren, moet men onderscheid maken tussen de gebruiksfunctie en de gedragsfunctie van deze media. Benut de grote potentie van deze mobiele devices in het onderwijs. Zet mobieltjes, laptops en tablets op didactisch verantwoorde en doordachte wijze in. Gebruik ze om leerlingen te betrekken bij de les en te motiveren voor hun vakken. Door ze informatie te laten opzoeken op hun device, taalopdrachten te oefenen en de leerlingen opdrachten voor elkaar te laten maken met bijvoorbeeld behulp van gps en QR codes. De mogelijkheden zijn legio. Dit vergt wel van docenten dat zij zich verdiepen in de mogelijkheden en dat zij ermee kunnen werken.
Maar het vergt ook wat van de leerlingen: discipline. Zij moeten zich aan regels houden, regels die liefst instellingsbreed gelden. En dan mogen er ook best momenten zijn, dat de mobieltjes uit moeten.
Vergelijk het met het verkeer. Ons gedrag, gebaseerd op verkeersregels, maakt dat we ons efficiënt en met veel tegelijk kunnen verplaatsen. Als een instelling op didactisch verantwoorde manier mobieltjes inzet in de les (gebruiksfunctie), dan ontstaat er bij gebruikers begrip voor de regels waaraan men gebonden is (gedragsfunctie). Ook bij leerlingen.
Bij de volgende discussie over mobieltjes in de klas, gaat het dus om twee vragen: hoe wil je ze gebruiken en welke regels creëren het gewenste gedrag?